Naar de inhoud

Gewetensvolle rechter, feilbaar mens

De Nederlandse rechter in het Tokio Tribunaal in feit en fictie

Van mei 1946 tot november 1948 werden in Tokio voor een internationaal tribunaal 28 Japanse class A-oorlogsmisdadigers berecht. Elf rechters uit elf landen zaten achter de lange tafels van het gerechtsgebouw dat kort daarvoor nog het hoofdkwartier van het Japanse leger was. Een van hen was de Nederlandse rechter Bert Röling (1906–1985). Eind vorig jaar verscheen het door zijn zoon Hugo geschreven boek De rechter die geen ontzag had. Bert Röling en het Tokio Tribunaal. Eén dag na publicatie van dat boek verscheen een roman van Kees van Beijnum, De offers, met als hoofdpersoon de Nederlandse rechter van hetzelfde tribunaal.

TREMA201505-BEELD1
Hugo Röling, De rechter die geen ontzag had. Bert Röling en het Tokiotribunaal Amsterdam: Wereldbibliotheek 2014 ISBN 978 90 284 2596 5

Het Tokio Tribunaal werd lange tijd ‘het vergeten Neurenberg’ genoemd, naar haar veel bekendere evenknie in die Duitse stad waar de nazioorlogsmisdadigers terechtstonden. De laatste jaren is de belangstelling voor het Tokio Tribunaal echter weer toegenomen. Al eerder verschenen er academische studies naar het historisch belang en de juridische merites van het tribunaal, het proces en het vonnis.1 De Nederlandse regisseur Pieter Verhoeff werkt aan een speelfilm over het tribunaal,2 en sinds kort zijn er dus ook twee boeken waarin de Nederlandse rechter Röling centraal staat.

De publicatie van de twee boeken deed nogal wat stof opwaaien. Van Beijnum had van Hugo Röling dagboeken en brieven ter beschikking gekregen, om te gebruiken voor het schrijven van het scenario van de film waar regisseur Verhoeff mee bezig was. Van Beijnum produceerde echter ook…