Sign. - Verstekverlening op grond van Haags Betekeningsverdrag
Hulley c.s. hebben het voor Rosneft bestemde dagvaardingsexploot doen betekenen op de voet van het Verdrag inzake de betekening en de kennisgeving in het buitenland van het Haags Betekeningsverdrag en de uitvoeringswet van dat Verdrag. Zij hebben voorts een afschrift van het genoemde exploot met een vertaling in het Russisch per aangetekende brief en tevens per koerier aan het hiervoor genoemde adres gezonden, alsmede een exploot doen uitbrengen op de voet van art. 63 Rv aan de procureur in de appelinstantie. Van de Centrale Autoriteit van de Russische Federatie is op 23 december 2008 een bericht bij de griffie van de Hoge Raad binnengekomen, waaruit blijkt dat niet tot betekening van de cassatiedagvaarding is overgegaan omdat de betekening niet kon worden uitgevoerd voor de in de dagvaarding aangezegde zittingsdag van de Hoge Raad. Het vorenstaande brengt, gelet op art. 15 lid 1 van het Haags Betekeningsverdrag, mede dat in beginsel nog niet tot verstekverlening tegen Rosneft kan worden overgegaan. Echter, art. 15 lid 3 van dit Betekeningsverdrag belet niet dat door de rechter in spoedeisende gevallen voorlopige of conservatoire maatregelen worden genomen. Op grond van voornoemd artikellid kan de voorzieningenrechter dan ook in een kort geding verstek tegen een in het buitenland woonachtige gedaagde verlenen zonder dat "in spoedeisende gevallen" behoeft te blijken dat aan de voorwaarden van art. 15 is voldaan. Het onderhavige beroep betreft de vordering tot toelating van een tussenkomende partij in een kort geding dat door het Hof als spoedappel wordt behandeld, waarvan de inzet - kort gezegd – is aan wie de activa toekomen van Yukos Finance BV, die de aandelen in verweerster sub 1 houdt. Daarmee…