Wanneer is een stichting fiscaal transparant? (1999.30.3306)
Fiscale transparantie wil zeggen dat het fiscale inkomen en/of vermogen van een lichaam (bijvoorbeeld stichting, Liechtensteinse Anstalt of trust) wordt toegerekend aan de daarbij betrokken personen. Dit is volgens de jurisprudentie aan de orde wanneer iemand over het (stichtings)vermogen kan beschikken als ware het zijn eigen vermogen. Dit criterium is niet eenvoudig te hanteren. Wat dient bijvoorbeeld te worden verstaan onder beschikken? Is fiscale transparantie pas aan de orde wanneer een persoon over het stichtingsvermogen kan beschikken op exact alle wijzen waarover men over zijn eigen vermogen kan beschikken of reikt de term minder ver? De auteur geeft daarom een theoretisch model zodat de rechter tot een juist oordeel komt omtrent fiscale transparantie. Volgens Van Houte is sprake van beschikken over het stichtingsvermogen als ware het eigen vermogen, indien de volgende symptomen in overwegende mate aanwezig zijn:
a. er is sprake van een of meer verwante bestuurders;
b. de bestemming van het liquidatiesaldo wordt door het bestuur bepaald;
c. er is geen toezichthoudend orgaan;
d. er is een mogelijkheid tot statutenwijziging;
e. er ontbreekt een toezicht op het stichtingsbestuur;
f. de doelomschrijving is gericht op een privaat belang;
g. er zijn in het verleden uitkeringen gedaan aan een of meer bestuurders.
Uit de jurisprudentie blijkt dat met name onroerend goed-, lijfrente-, vermogens-, pensioen- en algemeen nut beogende stichtingen fiscaal transparant zijn. Ten overvloede wordt opgemerkt dat fiscale transparantie niet aan de orde is als de stichting belastingplichtig is voor de vennootschapsbelasting.
C.P.M. van HouteTFB 1999/6 blz. 14
| Wetgeving | |
|---|---|
| Jurisprudentie | |
| Officiële publicaties | |
| Europese regelgeving | |
| Soort nieuws | Literatuur |
| Publicatiedatum | 08-05-2009 |
| Nummer | 1999/0549 |